Circulaire Economie: TNO werkt aan een toekomst zonder afval

| Door IVVD aj

circulairVerduurzaming is op dit moment wereldwijd dé grootste maatschappelijke uitdaging. Het creëren van een circulaire economie, waarin hergebruik van producten en grondstoffen gemaximaliseerd wordt en waardevernietiging geminimaliseerd wordt, is daarvoor essentieel. TNO helpt daarbij door overheden, bedrijven en sectoren te adviseren over mogelijkheden voor duurzame ontwikkeling van milieu, economie en technologie.

… Stel je voor, het is 2050. Om je heen worden nieuwe hoogwaardige producten ontworpen en gemaakt uit hergebruikt materiaal. Je gooit niets meer weg en het maken en gebruiken van producten levert geen broeikasgassen meer op. Alles heeft door gericht overheidsingrijpen waarde gekregen, ook CO2. Misschien niet direct voor jou, maar dan wel voor een ander. In jouw buurt worden deze producten gedeeld gebruikt en worden samenwerkingsverbanden door nieuwe businessmodellen en bedrijven ondersteund. Lokaal, maar ook internationaal is een ieder gemotiveerd om samen te werken. Het reïncarneren van materialen en producten tot andere materialen en producten helpt ons floreren en leidt tot een economisch, ecologisch en sociaal bloeiende maatschappij…

Circulaire economie
Een mooi plaatje, maar hoe komen we daar? De voorraad grondstoffen op aarde is eindig, zeker bij de verwachte groei in de wereldbevolking. Bovendien veroorzaakt de hele keten van de winning van grondstoffen en verwerking tot producten, een aanzienlijke uitstoot van broeikasgassen die in het kader van het klimaatakkoord van Parijs teruggedrongen moeten worden. Het helpt natuurlijk als we producten maken met minder grondstoffen en energie (en dus minder broeikasgasemissies), producten langer en intensiever gebruiken en zodanig ontwerpen dat de grondstoffen er aan het eind van de levensduur weer makkelijk uit zijn te halen. Deze veranderingen vormen de kern van het gedachtegoed van een circulaire economie.

Nieuwe lokale werkgelegenheid
Naast een positief effect op onze ecologische voetafdruk levert de circulaire economie tevens een bijdrage aan onze economie. Het maakt bedrijven minder afhankelijk van schaarse grondstoffen en biedt kansen voor nieuwe lokale werkgelegenheid, door dienstverlening, hergebruik, reparatie en recycling van producten en grondstoffen. “Er zullen nieuwe businessmodellen ontstaan met nieuwe partijen en huidige waardeketens zullen opgeschud of vervangen worden”, denkt Marinke Wijngaard, managing director van de TNO-unit Circular Economy & Environment. “Natuurlijk is een deel van het verhaal dat afval intensiever wordt hergebruikt. Maar een circulaire economie gaat veel verder dan recycling en re-use alleen. Het is een fundamenteel andere manier van producten ontwikkelen en gebruiken. Een circulaire maatschappij vergt daarom ook een radicale verandering in de manier waarop we onze maatschappij inrichten en besturen.”

Het doel is dat Nederland uiterlijk in 2050 een circulaire economie heeft. De ambitie van het kabinet is om samen met maatschappelijke partners in 2030 een (tussen)doelstelling te realiseren van 50% minder gebruik van primaire grondstoffen: mineraal, fossiel en metalen. Dit is vastgelegd in het Rijksbrede programma Circulaire Economie ‘Nederland circulair in 2050’.

Van refuse tot recover
Waardebehoud in een circulair economische context laat zich groeperen langs de zogenaamde R-ladder. (Bron infographic: PBL)

schema-circulaire-economie-840

TNO als kompas
TNO wil een krachtige impuls geven aan de circulaire economie door middel van kennis, onderzoek en innovatie. “Met onze domeinkennis en technische, sociale, milieukundige en economische expertise bieden we overheden en bedrijven een kompas voor de transitie naar een circulaire economie. Onze focus ligt daarbij op de bouw, infrastructuur en kunststofindustrie. Wij adviseren partijen hoe ze elke euro het beste kunnen besteden aan innovaties met de meest ecologische, economische en sociale impact”, legt Wijngaard uit.

Breed scala aan projecten
“Met specifieke hoogwaardige technologie kunnen we circulaire producten maken en reststromen verwaarden tot nieuwe grondstoffen. Zo werken we bij TNO aan het circulair ontwerpen van een matras. Maar ook aan het logistiek optimaliseren van vraag en aanbod voor reststoffen in de bouw. Er is een breed scala aan projecten waaraan we werken”, aldus Wijngaard. Mooie voorbeelden van TNO-projecten zijn de macro-economische analyse naar de circulair economische kansen in Amsterdam (Amsterdam Circulair: een visie en routekaart voor de stad en regio, een samenwerking met Circle Economy en FABRIC) en ‘Waste2Aromatics’, waar nieuwe technologieën organische reststromen omzetten in aromatische chemicaliën. Ook circulair beton – dat moet leiden tot verbeterde betonproducten op basis van secundaire bouwmaterialen – en het BOB-Model (BOuwmateriaal in Beeld) kunnen positief bijdragen. Dat is een dataplatform waarop de vraag naar en beschikbaarheid van bouwmaterialen inzichtelijk wordt.

Katalysator voor een circulaire economie
De overgang naar een circulaire economie is vooral ook een zaak van samenwerken met en tussen verschillende expertises. TNO is daarom actief in het opzetten van nationale en internationale netwerken. “Zo coördineren we in Nederland de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) Route Circulaire Economie en Grondstoffenefficiëntie. En TNO’s Chief Scientific Officer zit de Transitietafel Kunststoffen voor. Met behulp van onze brede expertise, onafhankelijke analyses en door partijen bij elkaar te brengen, willen wij de transitie naar een circulaire economie versnellen”, besluit Wijngaard.

Bron: TNO