Energietransitie verloopt sneller dan verwacht maar nog te langzaam

| Door IVVD

De energietransitie vereist tien keer meer zonne-energie en vijf keer meer windenergie in combinatie met andere technologische maatregelen om de wereldwijde opwarming tot ruim beneden 2°C te beperken en de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs te behalen, volgens DNV GL’s nieuwste rapport Energy Transition Outlook: Power Supply and Use [Vooruitblik op energietransitie: energievoorziening en -gebruik]. Het rapport meldt dat de energietransitie sneller verloopt dan eerder verwacht maar nog altijd te langzaam om de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot minder dan 2°C zoals vastgelegd in de Overeenkomst van Parijs.

Met de verwachte snelheid geeft de voorspelling van DNV GL aan dat het aan het eind van deze eeuw hoogstwaarschijnlijk 2,4 °C warmer zal zijn dan in de pre-industriële periode. De technologie om de uitstoot voldoende te beperken om het klimaatdoel te behalen bestaat al. Om dit te bereiken zijn vergaande politieke besluiten nodig.

DNV GL adviseert de volgende technologische maatregelen te treffen voor het elimineren van het teveel aan uitstoot en het verschil tussen de voorspelde snelheid waarmee ons energiesysteem moet worden ontkoold en de snelheid die we moeten bereiken, om de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder de 2°C zoals dat in de Overeenkomst van Parijs werd vastgelegd.

Tot deze combinatie van maatregelen behoren:

  1. zonne-energie meer dan tien keer uitbreiden tot 5 TW en windenergie met 5 keer tot 3 TW per 2030, hetgeen voldoende zou zijn voor 50% van het wereldwijde energieverbruik per jaar.
  2. 50-voudige vergroting van de productie van accu’s voor de vijftig miljoen elektrische voertuigen die er per jaar vanaf 2030 nodig zullen zijn, samen met investeringen in nieuwe technologie voor het opslaan van het overschot aan elektrische energie en oplossingen waarmee onze elektriciteitsnetten de groeiende instroom van zonne- en windenergie aankunnen.
  3. Aanleggen van nieuwe infrastructuur voor het grootschalig opladen van elektrische voertuigen.
  4. Jaarlijks meer dan 1,5 biljoen USD nodig voor de uitbreiding en versterking van stroomnetten in 2030 waaronder ultrasterke hoogspanningsnetwerken en uitgebreide vraagrespons-oplossingen om de schommelingen in wind- en zonne-energie te compenseren.
  5. Uitbreiding van wereldwijde energieverbeteringen in het komende decennium met 3,5% per jaar.
  6. Groene waterstof voor het verwarmen van gebouwen en de industrie, brandstoftransport en het benutten van overtollige hernieuwbare energie in het stroomnet.
  7. Voor de zware-industriesector: grotere elektrificatie van productieprocessen, waaronder elektrische verwarming. Plaatselijke hernieuwbare hulpbronnen in combinatie met opslagoplossingen.
  8. Warmtepomptechnologie en verbeterde isolatie.
  9. Grootschalige spoorwegoplossingen, zowel voor stadsverkeer als langeafstandstransport voor passagiers en goederen.
  10. Snelle en brede toepassing van koolstofopvang, -gebruik en -opslaginstallaties.

De verbluffende snelheid van de energietransitie duurt voort. DNV GL’s rapport voorspelt dat in 2050 de energieopwekking uit fotovoltaïsche zonne-energie 36.000 terawattuur per jaar zal bedragen, meer dan 20 keer zo groot als de huidige. Groot-China en India zullen halverwege de eeuw het grootste aandeel zonne-energie hebben met een aandeel van 40% van de wereldwijd geïnstalleerde PV-capaciteit in China, gevolgd door het Indiase subcontinent met 17%.

Volgens het rapport zal hernieuwbare energie in 2050 wereldwijd bijna 80% van de globale elektriciteit leveren. De elektrificatie zal gepaard gaan met een hoger gebruik van warmtepompen, vlamboogovens en een revolutie in elektrisch rijden, waarbij 50% van alle in 2032 verkochte auto’s elektrische voertuigen zullen zijn.

Ondanks dit hoge tempo is de energietransitie niet snel genoeg. De voorspelling van DNV GL geeft aan dat, schrikbarend genoeg, voor een opwarmlimiet van 1,5°C het resterende koolstofbudget al in 2028 uitgeput zal zijn, met een overschot van 770 Gt CO2 in 2050.

“Uit ons onderzoek blijkt dat technologie het vermogen heeft om het uitstootoverschot te elimineren en een toekomst met schone energie te scheppen. Maar tijd werkt in ons nadeel. Deze technologische maatregelen kunnen alleen succes hebben als ze worden ondersteund door buitengewone beleidsmaatregelen. We roepen op tot overheidsmaatregelen voor het uitbreiden en aanpassen van stroomnetten voor de toename van hernieuwbare energie, economische prikkels voor maatregelen en hervorming van de regelgeving voor het versnellen van de elektrificatie van transport,” verklaarde Ditlev Engel, CEO van DNV GL Energy. “Overheden, bedrijven en de samenleving als geheel moeten de heersende mentaliteit veranderen: van ‘op dezelfde voet doorgaan’ naar ‘op andere voet doorgaan’ tot het versnellen van de energietransitie.”

Het rapport laat ook zien dat de energietransitie betaalbaar is, de wereld zal een steeds kleiner deel van het bbp aan energie besteden. Wereldwijd wordt momenteel 3,6% van het bbp aan energie besteed, maar dat zal in 2050 dalen tot 1,9%. Dit is de danken aan de veel lagere kosten van hernieuwbare energie en andere efficiëntieverbeteringen, die hogere investeringen mogelijk maken om de transitie te versnellen.

DNV GL roept alle 197 landen die de Overeenkomst van Parijs hebben getekend op tot het hoger bijstellen en vervullen van de ambities voor hun geactualiseerde nationaal vastgestelde bijdragen per 2020. Een snelle blik op de eerste nationaal vastgestelde bijdragen die werden ingediend bij het secretariaat voor het raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering, liet zien dat 75% nu betrekking heeft op hernieuwbare energie, en 58% op energiezuinigheid. DNV GL roept politieke leiders op om deze beide percentages in de volgende nationale bijdragen op 100% te stellen.