Foto: Tuin van Bret
Tekst: Sibo Arbeek
Voldoende aanleiding voor een mooi gesprek met Wouter in zijn kantoor in de Tuin van Bret over zijn passie en zijn unieke en tegelijk vanzelfsprekende benadering van het publieke domein.
Grondlegger Wouter Valkenier van Studio Valkenier is betrokken bij mooie circulaire projecten met prachtige namen, zoals Hannekes Boom, De Ceuvel, de Tuin van BRET en Schoonschip. Het zijn projecten waarbij nieuwe vormen van eigenaarschap, hergebruik en biodiversiteit tot uiting komen, vaak op verweesde plekken. Wat is de kracht van autonome architectuur?
Foto: Tuin van Bret
Tekst: Sibo Arbeek
Voldoende aanleiding voor een mooi gesprek met Wouter in zijn kantoor in de Tuin van Bret over zijn passie en zijn unieke en tegelijk vanzelfsprekende benadering van het publieke domein.
Wouter: “We zijn een netwerkbureau en werken met specialisten samen, staalkunstenaar Michiel Poelman en ambachtslui. Hoe slechter de plek hoe uitdagender het voor ons is. Dat noem ik architectuur aan de rafelranden van ons publieke domein. Daar komt mijn passie vandaan; ik vind het mooi om op een plek waar niemand iets te zoeken heeft verblijfkwaliteit te realiseren, vrij toegankelijk voor iedereen. Plekken waar je vrolijk van wordt omdat je in een andere mindset komt. Plekken waar je makkelijk met elkaar in contact komt, verbonden met het groen en met om je heen gevonden materialen, die een nieuw verhaal vertellen. Dat kan op een scheepswerf zijn, bij een mislukte landschapsontwikkeling of hier op een verloren stuk land vlak bij Station Sloterdijk, waar de Tuin van BRET organisch ontstond.
Foto: Wouter Valkenier
We liggen hier om de hoek van de havens, maar daar merkte je niets van, terwijl de havens de belangrijkste economische bron van de stad zijn. Dit dorp is dus opgebouwd uit zeecontainers. Het ontwerp werd tijdens de bouw bijgesteld aan de hand van beschikbare materialen. Een boot van het waterbouwbedrijf van de gemeente Amsterdam voer langs en vroeg of er nog behoefte was aan timmerhout. Bleek het om een partij tachtig jaar oude meerpalen te gaan. We hergebruiken kozijnen van een woningcorporatie. Het is allemaal spontaan bij elkaar gevoegd tot een stedenbouwkundige compositie van het oude dorp Sloterdijk met een groene binnenplaats en een wijngaard, waar mensen hun eigen wijnstok kunnen leasen en de opbrengst in wijnflessen terug krijgen.”
Wouter verder: “Die verloren en vergeten plekken zijn interessant. Zo hebben we een nieuwe inrichting gemaakt voor de oude stadsdrukkerij waar de gemeente Amsterdam in werkt. Daar hebben we het principe van eigen hokjes voor elke afdeling losgelaten. In het hart staan grote tafels van hergebruikte materialen. Het is een publieke ontmoetingsplek geworden waar iedereen zich welkom voelt en je niet eerst door een beveiligingspoortje hoeft. Welstand vond het geweldig dat we van de gevel een blauwe regen klimplanten bos hebben gemaakt. Overal vind je verloren en vergeten materialen, als bron. We maken nu een landgoed met wilgen, vlas en materialen die zelf verder groeien en in de toekomst weer een bron voor materialen zijn. Dat zou de vervolgstap zijn in het circulaire proces. Onze studio is een plek waar we veel gevelgroen toepassen met op het dak een kruisbestuin en een biophylische ontmoetingsplek. We begonnen met recyclen en zijn nu bezig met upcyclen. Het is mooi dat het helemaal circulair is en na gecomposteerd te zijn weer opnieuw gaat groeien.”
“Noem het ambachtelijke imperfectie. In Japan noemen ze het wabi-sabi; de theepot krijgt juist door de barst meer waarde. Door littekens en oneffenheden tonen materialen meer karakter en vertellen ze een verhaal, waardoor ook een verbinding met het verleden ontstaat. Ik werk liever in een gebouw met een houten gevel en kolommen van meerpalen met oude kokkelsporen dan in een strak glazen kantoorgebouw.
"Door littekens en oneffenheden tonen materialen meer karakter en vertellen ze een verhaal, waardoor ook een verbinding met het verleden ontstaat"
Foto: Artsen zonder grenzen
Alles hangt met elkaar samen. Een mooi voorbeeld zijn oude straatlantaarns die we uit de afvalbak hebben gehaald en hergebruikt als interieurverlichting in het gebouw van Artsen zonder Grenzen aan de Plantage Middenlaan in Amsterdam.”
“We doen projecten in opdracht maar ook op eigen initiatief”, legt Wouter uit. “Dat kunnen grotere, maar ook kleinschalige interventies zijn, waar we onze kennis inbrengen, samen met andere disciplines. Vaak is een ontwerp niet van tevoren uitgedacht maar groeit het organisch in het maakproces. Soms werken we ook met een lening van het broedplaatsenfonds Amsterdam of van de Triodos bank.
We maken nu in opdracht voor Jeugdland Amsterdam Oost een mooie gezonde, natuur inclusieve en educatieve plek in de hoek van het Flevopark. Dat wordt een plek voor kinderfeestjes, techniek workshops, een voorbeeld boerderij met workshops over natuur educatie. Er komt een blote voeten pad en je bent daar volop in contact met de natuur. We bouwen met hout uit het Amsterdamse Bos. Er komt een ooievaarsnest, insectenhotels in de gevel, kinderen gaan vogelhuisjes maken en denken en doen actief mee. De aannemer werkt zonder chemische verfverbindingen met een Zweedse natuurverf. De tuin is vrij toegankelijk voor iedereen. We hebben van de gemeente extra budget gekregen, waardoor we het gebouw nog mooier kunnen maken. Er komt steeds meer aandacht voor deze benadering. We worden bijvoorbeeld vaak gevraagd voor de Dag van de Architectuur, terwijl we geen Zuidas bureau zijn.”
“Het lijkt ons leuk om een project voor een schoolbestuur te doen, inclusief de integratie van het schoolplein binnen en buiten. Stel een school heeft leerlingen techniek met de passie 3D printen. Hoe leuk is het dan om met gerecycled plastic gevelelementen te printen. Het gaat vooral om de specials, de tuin, of een oud schip op zijn kop als een speeltuin, of de gevelelementen. Een opdrachtgever moet open staan voor laagdrempelige en vrolijke architectuur. We doen heel veel met leerlingen en studenten op onze projecten.
Foto: De Ceuvel
Zo komen er regelmatig schoolklassen naar de Ceuvel in Amsterdam-Noord. De gemeente Amsterdam wilde een voorbeeldproject waarbij ze op een andere manier wilden bouwen. In de Sluisbuurt zijn we bezig met een Baggerbeest; dat is een broedplaats met het Sluislab, een café en een werkplek voor de creatieve industrie.
Het is ook een vooruitgeschoven post van Hogeschool InHolland; waar ze worden uitgedaagd om mee te denken over de invulling van de openbare ruimte. Zo komt in de tuin een buurtprogrammering met een festival. Studenten van de Rietveldacademie maken er sculpturen. Wij leveren daar de voedingsbodem voor. Het is de ontmoetingsplek voor een buurt die er nog niet is.
Beeld: Schets landgoed Rorik
We zijn nu bezig met een nieuw landgoed Rorik met het restaurant Zacht Staal dat midden in een weiland staat tussen Beverwijk en Assendelft. Daar werken we ook samen met docenten van het Kennemer College. Leerlingen krijgen er praktijkonderwijs, maar vaak maken ze dan iets zonder specifieke bestemming. Hier hebben ze een Rietveldstoel van 5x5 meter als een sculptuur in het landschap gemaakt en bouwen vogelnesten.
Ze fietsen er met hun ouders naar toe in het weekend en het restaurant zit bijna altijd vol. Alle groenten en producten komen van het land. Dat wordt ons Asterix en Obelix dorpje; een zelfvoorzienende community, waarbij de leden de boeren ondersteunen en helpen het land te onderhouden. Mensen kunnen een aandeel in de boerderij kopen en krijgen groenten van het land ervoor terug.”
Foto: Stadstimmertuin
“De ontwikkeling naar steeds meer prefab bouwen is prima. Het heeft er toch mee te maken hoe je het ensemble vorm geeft. De Amsterdamse grachtengordel was ook een vorm van prefab bouwen met een simpele houtconstructie, een stenen gevel en een ornament. De Amstelkerk is ook tijdelijk neergezet in houtbouw en die staat nog steeds.
Door prefab te bouwen en al in de werkplaats gecontroleerd voor te bereiden beperk je bovendien de afvalstromen en overlast voor omwonenden. De gemeente Amsterdam en drie corporaties bouwen 500 prefab woningen in het project Brasa Village in Zuidoost. Wij mogen de huiskamer ontwerpen en bouwen.”
“De basisvoorwaarde voor elk gebouw is dat het gezond is en daar hoort een goed onderhoud bij. Dat neem je mee in het programma van eisen waarin ook staat hoe je je dromen waar gaat maken. Wanneer een opdrachtgever een naadloze gietvloer wil met afgeronde plint is dat prima.
Foto: Hannekesboom
Onze ervaring is dat al onze projecten, zoals Hannekes Boom, een groot succes zijn en mensen trekken. Je kunt ons vergelijken met de architect Hundertwasser, die op een plat dak een speeltuin ontwierp en met organische vormen speelde. Mensen gaan er nog steeds voor naar Wenen.
Door dit gesprek merk ik dat er een raakvlak is met onderwijs en jeugd. Hetzelfde geldt overigens voor de uitdagingen in de zorg. Samen met de gynaecoloog Marjolein Kok ontwikkelen wij een 1.000-dagencentrum bij een boerderij nabij Amsterdam. De achterliggende gedachte is dat de eerste 1.000 dagen heel belangrijk zijn in de ontwikkeling van een kind. Nu worden moeders vaak van instantie naar instantie gestuurd. Het wordt een plek zonder standaardzorg, maar vooral een plek waar je met plezier komt. Zo komt er een paardenparadijs in de tuin van het geboortecentrum. Er komen mogelijk operatiekamers, buiten-bevalkamers en plekken waar moeders even bij kunnen komen als het even lastig is. Het wordt ook een plek voor lezingen, congressen en het delen van kennis. We willen in elke provincie zo’n centrum maken. Het gaat erom het leven vorm te geven, met zo gezond mogelijke materialen.”
Kijk voor meer informatie op www.studiovalkenier.nl.