Veranderbaar bouwen kan worden vergeleken met het dirigeren van een orkest: het vereist geduld, rust en een goed afgestemde samenwerking. De bouw van een school, of elk ander flexibel gebouw, is een complex proces waarin opdrachtgever, gebruikers, adviseurs en bouwers nauw moeten samenwerken.
Tekst: Spring Architecten Fotografie: Luuk Kramer, Loes van Duijvendijk, Spring Architecten
Bij Spring architecten zien we veranderbaar bouwen als een vanzelfsprekendheid. Onze gebouwen worden zodanig ontworpen dat ze flexibel kunnen inspelen op toekomstige veranderingen in functie, gebruik of technologie. Dit vergroot de levensduur en bruikbaarheid van een gebouw en vermindert tegelijkertijd verspilling en milieubelasting.
"In plaats van grote, radicale plannen die moeilijk te overzien zijn, realiseren we met relatief kleine, concrete stappen een grote impact"
Duurzaamheid kwam vanaf de jaren 60 en 70 in beeld, met de oliecrisis en groeiende milieubewustwording als katalysatoren. In de jaren 80 werd het concept van duurzame ontwikkeling populair dankzij het Brundtland-rapport en de focus op energie-efficiëntie. De jaren 90 brachten internationale aandacht, mede door de Earth Summit en de introductie van certificeringssystemen zoals BREEAM en LEED. Sindsdien is duurzaamheid uitgegroeid tot een kernwaarde in architectuur, met de nadruk op energie-neutrale ontwerpen, circulair bouwen en duurzame technologieën als antwoord op klimaatverandering en grondstoffenschaarste.
Tijdens het ontwerpproces ontstond er onduidelijkheid over de leerling prognoses. Al in een vroegtijdig stadium hebben we samen met de adviseurs nagedacht over een toekomstige uitbreiding van de school. Door een modulaire opzet van de plattegronden en een slimme positie van de installaties is het mogelijk om de school zonder complexe bouwkundige aanpassingen uit te breiden.
De aandacht voor duurzaamheid en veranderende wet- en regelgeving heeft architectenbureaus gestimuleerd om veranderbaar bouwen te omarmen. Toch is het nog geen standaardpraktijk: in 2022 was gemiddeld slechts 20% van het ontworpen volume circulair, volgens de Branchevereniging Nederlandse Architectenbureaus (bron website BNA). Dit toont een positieve trend, maar er is ruimte voor verdere ontwikkeling. Architectenbureaus hebben stappen gezet richting veranderbaar bouwen door flexibele ontwerpen, duurzame materialen en scheiding van bouwlagen te integreren. Hoewel de benadering wint aan populariteit, zijn verdere implementatie en standaardisatie binnen de sector nodig.
In onderwijscluster Donker Curtius zijn we er in geslaagd om de hoofddraagconstructie volledig circulair uit te voeren. In overleg met de constructeur en de aannemer is gekozen voor een hybride demontabele constructie van stalen kolommen en liggers met daartussen kanaalplaatvloeren waarbij de ‘kelk’ wordt gevuld met cement die aan het einde van de levensduur van het gebouw eenvoudig is te verwijderen. Hierdoor zijn alle constructieve onderdelen na sloop eenvoudig te hergebruiken, zonder complexe nabewerking.
Het Olympia College was toe aan een grote renovatie. Een vernieuwbouwopgave waarbij het is gelukt om de monumentale stalen gevel te behouden door een nieuwe geïsoleerde achterzetgevel te plaatsen. Hierdoor was het mogelijk om te voldoen aan nieuwbouweisen ten aanzien van energie en isolatie, waardoor we een eigentijds all-air klimaatsysteem toe hebben kunnen passen.
Bij Spring streven we naar het realiseren van veranderbare gebouwen, maar het blijft een uitdaging om alle betrokkenen in het ontwerpproces dezelfde interpretatie van veranderbaar bouwen te laten delen. Alle collega’s benaderen dit begrip vanuit een eigen invalshoek. Ondanks deze uitdaging hebben we als bureau grote mijlpalen bereikt. We betrekken opdrachtgevers en gebruikers al in een vroeg stadium om samen met het integrale ontwerpteam ambities vast te stellen. Dit doen we aan de hand van drie thema’s:
Kijk voor meer informatie op www.spring-architecten.nl.