Ze zijn belangrijke kartrekkers van woonzorgzone Daalhof: Jenny Zeguers van woningcorporatie Woonpunt en Ugur Böce van zorgorganisatie Envida. We spreken hen in Herculeshof, het boegbeeld van deze Maastrichtse woonzorgzone. In het gesprek voert een nuchter soort enthousiasme de boventoon: ‘Een woonzorgzone is nooit klaar.’
Boegbeeld woonzorgzone
Ongeveer gelijktijdig met de start van het vernieuwde Herculeshof plaatsten 17 organisaties, waaronder Woonpunt en Envida, hun handtekening onder het Deltaplan Maastricht-Heuvelland. Samen willen zij wonen, welzijn en zorg beter op elkaar afstemmen in 30 woonzorgzones in deze regio. Gezien de centrale ligging en de ontwikkeling van Herculeshof was het logisch om dit gebouw als boegbeeld te kiezen.
De huiskamer van Herculeshof is in twee jaar uitgegroeid tot veel meer dan alleen een plek voor koffie. Er zijn dagelijks activiteiten, ook in de weekenden. Bewoners ontmoeten elkaar en andere inwoners uit de wijk bij de muziekbingo, een breiclub en tijdens het koken van gezamenlijke maaltijden. Of ze lopen er binnen na een bezoek aan de wijkpoli of het maatschappelijk werk-spreekuur. Envida stelt alleen de ruimte ter beschikking, geen helpende handen.
Wijkleerbedrijf
‘De bezoekers organiseren alles zelf, samen met enkele vrijwilligers uit de wijk’, zegt Böce. Soms krijgen ze ondersteuning van de jongeren van het Wijkleerbedrijf Daalhof, dat ook Herculeshof als thuisbasis heeft. Deze leerlingen op mbo-niveau 1 en 2 lopen stage in de wijk en helpen mensen bij het doen van boodschappen en andere dagelijkse klusjes. ‘Ze brengen reuring met zich mee’, zegt Böce. ‘We zien dat ze een belangrijke rol spelen in het verkleinen van de eenzaamheid van ouderen.’
Zeguers en Böce kijken met een nuchter soort enthousiasme naar de ontwikkeling van woonzorgzones als Daalhof. Een woonzorgzone vraagt niet alleen om passende woningen en professionele zorg en welzijnsactiviteiten dichtbij, zeggen ze. Als we ouderen echt langer thuis willen laten wonen, is ook meer informele zorg nodig. Van vrijwilligers, mantelzorgers en burennetwerken.
‘Daarvoor moeten we een beweging in de hele wijk creëren’, zegt Zeguers. ‘Waarbij we ook de jongere generaties bewust moeten krijgen dat er voor hen een taak ligt in de gemeenschap.’ Ze realiseren zich goed dat dit niet binnen twee jaar is gebeurd. ‘Een woonzorgzone is misschien nooit klaar’, zeggen ze. Böce: ‘Het is een dynamisch proces. Daarom werkt een pragmatische aanpak beter dan een vooraf tot in detail vastgelegde blauwdruk.’
Lokale coalitie
De verdere ontwikkeling van woonzorgzone Daalhof gebeurt samen met sleutelfiguren van de partners van het Deltaplan. In die lokale coalitie zijn professionals verenigd van een mantelzorgsteunpunt, het maatschappelijk werk, de huisartsenorganisatie, een mbo-onderwijsinstelling, de gemeente en Servatius, de andere woningcorporatie in Daalhof. Daarbij hanteren ze het principe: waardeer wat er in de wijk al is en voeg toe. Zo brengen Woonpunt en Servatius in kaart of er in de wijk voldoende zorggeschikte woningen zijn waar ouderen zelfstandig kunnen blijven wonen. Daarbij kijken ze ook naar het particuliere woningbezit.
Ondertussen hebben Envida en Woonpunt vastgelegd dat de zorgorganisatie kandidaten mag voordragen voor een aantal vrijkomende appartementen in Herculeshof. ‘Het centraliseren van bewoners met een zorgvraag in deze gelijkvloerse, drempelloze woningen maakt onze zorgverlening natuurlijk efficiënter’, zegt Böce. Samen met een architect onderzoeken Woonpunt en Envida wat het gebouw nodig heeft om het nog toegankelijker te maken. ‘Te denken valt aan kleurcodes om het pand dementievriendelijk in te richten’, zegt Zeguers. ‘Maar het is niet de bedoeling dat er alleen nog maar zorgbehoevende ouderen in Herculeshof terecht kunnen. We streven naar een gezonde mix aan bewoners.’
Veel belangstelling
Woonzorgzone Daalhof heeft geen gebrek aan belangstelling. ‘Professionals, politici en zorgverzekeraars zijn onder de indruk van wat we doen en nog van plan zijn’, zegt Böce. ‘Daarbij gaat veel aandacht uit naar de sociale aspecten en de gemeenschapsvorming’, vult Zeguers aan. ‘En terecht. Maar de fysieke herontwikkeling is minstens zo belangrijk.’ Ze lacht. ‘Het klinkt tegenwoordig haast tegendraads, maar laten we de stenen niet vergeten. Een plint is voor een woningcorporatie bijna altijd verliesgevend. Herculeshof laat zien hoe cruciaal het voor een woonzorgzone is om in zo’n plint te investeren.’