Nieuwe onderwijsomgeving voor de Universiteit Maastricht in gebruik genomen

| Door IVVD

Hoger Onderwijs

De nieuwe onderwijsomgeving, Tapijn fase I, is onderdeel van de transformatie van de Tapijnkazerne. Het voormalige kazerneterrein, gebouwd tussen 1916-1919 krijgt een nieuwe herbestemming. Een levendig stadspark met hierin comfortabele onderwijsgebouwen en horeca. Inwoners, toeristen, studenten en medewerkers: iedereen is welkom. LIAG is als lead-architect van het total-engineering team verantwoordelijk voor de transformatie van de bestaande kazernegebouwen tot een gezonde onderwijsomgeving. Dit met extra aandacht voor de (Rijks) monumentale waarden en de historische context.

Verbinden van oud en nieuw
Tapijn I bestaat uit drie karakteristieke paviljoengebouwen rondom de voormalige appelplaats. LIAG heeft de gebouwen onder het maaiveld met elkaar verbonden met een nieuwe plint. Door het bouwdeel als een souterrain onder het park te ‘schuiven’ krijgt het terrein een maximaal oppervlak voor een nieuw openbaar park. De typische paviljoenstructuur blijft overeind en de historische gebouwen zijn individueel herkenbaar en toch functioneel verbonden met elkaar. Deze slimme opzet handhaaft bovendien de doorzichten tussen de paviljoengebouwen.

De plint en een nieuwe serre aan de noordzijde, benadrukken als ensemble het karakter van het historische gebied: een subtiele overgang tussen een ‘open’ (leer)landschap en bebouwing. De plint en serre zijn terughoudend ontworpen. Allebei nadrukkelijk transparant. Dit is in contrast met de bestaande gebouwen die redelijk massief en gesloten zijn.

Betekenis geven aan het historische erfgoed
Samen met Jelle de Boer (restauratie-architect) dook LIAG in de geschiedenis van de plek en deed onderzoek naar het originele materiaalgebruik en kleur. Belangrijke kenmerken van de monumenten zoals de indeling, raamdetaillering en trappen zijn behouden en worden versterkt door te kiezen voor neutrale materialen en kleuren voor de nieuw toegevoegde elementen. Ruimten hebben benamingen conform het NAVO-alfabet gekregen waardoor de historische context ook in het dagelijks gebruik verbeeld wordt. En de benamingen drukken het internationale karakter van Universiteit Maastricht uit.

Evidence-based ontwerpen
Voor Universiteit Maastricht is duurzaamheid een belangrijk thema, net als de gezondheid en het welzijn van de studenten en de medewerkers. Dit is het eerste project, ingediend door een Europese universiteit, dat zich weet te registreren voor de WELL Building Standard (WELL = het eerste keurmerk dat zich richt op comfort, welzijn en gezondheid van de gebruiker). Bij de in gebruik name behaalt de universiteit het niveau WELL silver. Daarbij heeft Tapijn het BREEAM-excellent certificaat gekregen. In dit nieuwe energieneutrale onderwijsgebouw zijn verscheidene circulaire maatregelen toegepast. Glazen scheidingswanden zijn vervaardigd uit ‘afvalglas’ (= glas dat uit het snijverlies overbleef tijdens de productie van glazen panelen). Materialen afkomstig van gebouwen op het kazerneterrein die niet behouden konden blijven en gesloopt moesten worden zijn ‘geoogst’. Stenen sierbanden, metselstenen, deuren en kozijnen zijn hergebruikt.

School of Business en Economics, UMIO en de universiteitsbibliotheek gaan gebruik maken van Tapijn 1. Daarnaast zijn de studieplekken en collegezalen voor iedere faculteit te gebruiken. Tapijn fase I heeft een oppervlakte van een kleine 8.500 m2. Naast de nieuwe verdiepte plint en de serre komt er nog één nieuw gebouw (fase II) op het terrein: een opvallend gebouw met een alzijdig karakter dat zich voegt tussen de historische kazernegebouwen en het park. Op 29 mei wordt Tapijn I officieel geopend. Tegen de zomer zal het terrein opgeleverd worden.

Foto’s: Fotograaf Ronald Tilleman